Avatar

Sabine van Staden

Licht en lucht

Na alle zwaarte van de afgelopen periode, lijkt er nu een lichtere en luchtigere tijd aangebroken.

Jongste reageert heel goed op de aanpak op zijn nieuwe school – en omdat die heel dicht tegen de aanpak thuis aanligt, zijn er ineens ook veel minder ‘overgang’-problemen, een onverwachte bonus. Er wordt weer afgesproken, er wordt weer gelachen en geplaagd. Dat maakt het leven van een moeder stukken eenvoudiger! Hij schiet cognitief ineens ook weer omhoog, voor mij alleen nog maar eens bevestigend dat hoe er met je kind wordt omgegaan op school vele malen belangrijker is dan de aangeboden stof. Alhoewel het ook helpt dat het systeem op deze school werkt met niveaugroepen, waardoor hij niet hóeft onder te presteren maar ook niet op zijn tenen hoeft te lopen.

Oudste zit in het laatste jaar van de basisschool en is nu al volop aan het puberen – nee, dat is niet licht en luchtig.. maar ook weer wel. Ze ontwikkelt zich ‘volgens het boekje’: zet zich af, komt het weer goed maken, leert om hulp vragen, begint haar eigen verantwoordelijkheid te nemen. Het is mooi om te zien hoe dat gaat, hoe ze elke dag een beetje meer volwassen wordt. Om de dag erna ineens weer even heel klein te zijn. Waarna ze de volgende stap kan zetten. Ik hou van deze fase, ondanks de ruzies en de rollende ogen.

Het is ook heel fijn om te merken dat ik éindelijk de grote verschillen tussen mijn kinderen in mijn hoofd in kaart heb én manieren heb gevonden om die tegelijkertijd aan te spreken. Wat een gegoochel.. De een moet je laten, de ander moet je achterna. De een houdt van overzichtelijke gezelligheid en daarvoor nodig je dus drie keer een klein groepje voor een verjaardag uit, de ander houdt van groots en meeslepend – en dan is het huis dus vol en moet je kind 2 soms even uitbesteden omdat die anders de boel gaat lopen verstieren.
Beiden zien en voelen alles. Dat dan weer wel.

Beiden vinden ergens anders slapen héél erg spannend. Beiden hadden, toevallig, dit jaar in dezelfde week kamp. Oudste ging met de groepen 8 naar Texel, op de school van jongste gaat men elk jaar twee dagen op kamp in de buurt. De voorbereidingen waren gelijk: op het laatste moment nog roepen dat je nog iets nodig hebt – waar mama allang al op voorbereid was. Roepen dat je zelf je koffer wilt inpakken – waarna mama dat op het allerlaatste moment alsnog mag doen. Onrustig slapen in de nacht voordat je weggaat. Roepen dat je niet uitgezwaaid hoeft te worden, maar toch wel heel erg blij kijken als mama daar toch blijkt te staan. Waarbij jongste me uiteraard negeerde, maar ik zág dat kleine, tevreden, glimlachje stiekem toch.
Wij genoten van één compleet kind-vrije avond en nacht en ik van twee dagen waarop ik even los was van de tijd-dictatuur.

Op woensdag kwamen ze allebei terug. Jongste in de middag, oudste aan het begin van de avond. En daar kwamen de verschillen weer om de hoek kijken.

Bij het ophalen van jongste werd ik genegeerd. Hij haalde zelf zijn spullen op, sjokte naar de auto, commandeerde me de auto open te maken en wierp zichzelf mopperend in de auto. Geen ‘hallo mama’, geen knuffel, geen tranen – boosheid. Stomme moeder die de auto te ver weg had gezet. Stomme moeder die geen drinken in de auto had. Kamp was stom, de kinderen waren stom, de wereld was stom. En waarom reed ik niet door?! Stomme moeder die daar snel genoeg van had, van dat gemopper, ondanks alle begrip voor het moeten ontladen. Je wéét dat het zo werkt bij je kind, je bent er enigszins op voorbereid, maar leuk is anders. Geen verhalen. Een schop en een stuurs kijkend kind dat eenmaal thuis zich meteen op mijn buik en op zijn telefoon wierp. Ik liet hem. Ontladen. Omschakelen. Tot rust komen.

We gingen ’s avonds samen oudste ophalen. Die wierp zich in mijn armen, knuffelde me en begon meteen te vertellen wat er allemaal leuk was geweest en wat stom en wie er over wie geroddeld had, en, en, en…
En heel langzaam ontdooide er iets bij jongste. Heel langzaam kwamen er ook bij hem de verhalen los. We aten. Ze maakten ruzie. Er werd gelachen. Er werd verteld. En bij het naar bed gaan zei jongste ‘mama, kamp was best wel leuk, maar ik kan er niet zo goed tegen als ik niet goed slaap’. Waarna hij in een diepe slaap viel. Heeft hij toch maar mooi gedaan, dat nachtje elders slapen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *