Afscheid niet hartverscheurend of naar

Onze oudste zoon, Samuel (10), was vijf weken oud toen we hem ophaalden uit Chicago. Afgelopen zomer gingen we voor het eerst terug naar zijn geboortestad. Heel spannend, hoe zou het gaan? Er was een ontmoeting met zijn geboortemoeder en een afscheid. Het ging goed, het werd een droomreis.

Ruim tien jaar geleden bereidden we ons voor op een open adoptie, waarbij we contact zouden houden met de biologische moeder van ons kind. Jaarlijks stuurden we Samuels geboortemoeder in de VS foto’s en brieven. Geen respons, tot onze spijt. Als we ernaar vroegen, antwoordde Samuel dat hij haar graag zou ontmoeten.

2014 nr 1 - Samuel fotoFacebook

Wij hebben Samuel vanaf zijn babytijd verteld dat hij is geboren uit andere ouders, en dat hij door adoptie voor altijd ons kind is geworden. Samuel is bruin. Mijn man, onze twee jongste kinderen en ik, zijn lichtroze-beige. Mensen vragen vaak: “Zijn dat jouw kinderen?” “Ja”, glimlach ik dan meewarig. “Alle drie?” “Ja, alle drie.”

We probeerden Samuel van alles te leren over de Afro-Amerikaanse cultuur maar zijn geboortemoeder kenden we niet. In de zomer van 2010 vonden we haar op Facebook. We vroegen via het adoptiebureau of ze contact met ons wilde. Ze antwoordde: “Ik denk dagelijks aan je, ik hou van je, ik zal erover nadenken, dank jullie wel, jullie zijn ‘a blessing in disguise.” Na enkele maanden zei Samuel teleurgesteld: “Ze moet wel erg lang nadenken.”

Velen vonden aansturen op een ontmoeting geen goed idee. Zelf twijfelden we. Wat als ze zou bedanken voor contact? Wat als we haar onaardig zouden vinden of als het zeer slecht met haar zou gaan, bijvoorbeeld door drugs, prostitutie of geweld? Wat als ze Samuel onbedoeld of opzettelijk tegen ons zou opstoken?

Richard Pearlman, directeur van ons adoptiebureau, Adoption Center of Illinois at Family Resource Center, moedigde ons wel aan. We hebben hem hoog zitten, hij heeft ruim dertig jaar ervaring hiermee. En het belangrijkste: Samuel wilde zijn geboortemoeder graag ontmoeten. Dat voelden wij als een onvervreemdbaar recht. We wilden dat het liefst voor zijn puberteit doen, samen met hem.

Verjaardagscadeau

Dus kondigde het adoptiebureau op ons verzoek begin vorig jaar aan bij de geboortemoeder van Samuel dat wij naar Chicago zouden komen. Haar antwoord: “Wat willen ze?” En later weer een e-mail van één regel: “Oké, laten we elkaar ontmoeten.” Daarna niets meer. Het werd voorjaar. De vertrekdag naderde, een concrete afspraak hadden we niet. Maar gaan zouden we. Sinds we tickets hadden gekocht, vloog Samuel dagelijks met een gevouwen vliegtuigje door de huiskamer naar Chicago. Terwijl hij niet eens wist dat we een ontmoeting wilden regelen. Zijn geboortestad bezoeken zou sowieso de moeite lonen, redeneerden we.

Eenmaal aangekomen in Chicago barstte het feest los. De brandweersirene, de lokale supermarkt, de metro op verhoogde rails, Samuel vond alles geweldig. De directeur van het adoptiebureau belde zijn geboortemoeder en we hoorden haar stem! Ze stelde voor om elkaar twee dagen later te ontmoeten. “Maar die dag ben je jarig”, zei Richard, waarop zij antwoordde: “Deze ontmoeting is het beste verjaardagscadeau dat ik me kan wensen.”

Op de afgesproken dag brengt de directeur ons erheen. Zenuwen gieren door mijn keel. Links van ons Lake Michigan, rechts de skyline van Chicago. In het park waar we hebben afgesproken schijnt de zon. We zijn acht minuten te vroeg. In mijn ooghoek zie ik Richard bellen. Er loopt een vrouw met een enorme zonnebril op haar hoofd naar hem toe. “Samuel, kom, dat moet haar zijn”, zeg ik en we lopen naar haar toe. Ze zet haar bril af, wrijft in haar ogen zegt: “Sorry, I’m so nervous! May I hug you?” Wij vertalen, Samuel knikt. En dan knijpt ze hem bijna fijn. “Je hebt mijn ogen, mijn geur en het haar van oma. Je bent het.”

We lopen naar een restaurant even verderop. Als we zitten, zegt ze: “Zie ons eens zitten als familie, want we zijn nu familie, toch?” Het ijs is gebroken. Ik voel dat ze het meent, ik kan haar wel zoenen.

“Ik denk vaak aan je. Ik mis je ontzettend,” zegt ze. “Vlak na je geboorte heb ik je urenlang gewiegd. Ik wist wat ging komen, ik had er veel verdriet van, maar ik kon niet voor je zorgen.” Haar stem trilt. Destijds ging het niet goed met haar. Ze was haar man en haar baan kwijtgeraakt en woonde met vier kinderen in een opvangtehuis. Samengevat: ze kon hem geen eten geven. “Daarom had ik voor je geboorte al het aller-moeilijkste besluit genomen dat ik ooit heb genomen, maar het was ook het beste wat ik kon beslissen.” Wilfred, mijn man, vertaalt, maar ook hij houdt het niet droog. Alle volwassenen huilen. Samuel zit tussen ons in en kijkt de kring rond.

Rust

Ze vertelt het zeer gedetailleerd en ze herhaalt het driemaal, maar ze straalt het ook uit: dit is wat ze wil voor Samuel. Ze had ook voor pleegzorg kunnen kiezen, maar ze wilde niet dat de staat (tijdelijk) voor haar kind zou zorgen. Ze wilde dat hij deel zou uitmaken van een familie, voorgoed. Dit is precies wat we graag horen: ze heeft vrede met Samuels adoptie, en zelfs met de pijn die er nu eenmaal ook aan kleeft.

De ontlading is enorm. We willen alles van elkaar weten. Zij: dat hij trompet leert spelen, dat er ook opa en oma’s naar hem omkijken. Dat klinkt haar als muziek in de oren. Zij heeft nu een lieve vriend, een huis en gediplomeerd werk. Het gaat goed met haar, al heeft ze een zwaar leven in een arme wijk waar criminelen de straten onveilig maken.

Uitgelaten, voldaan en moe stappen we op. We gaan naar Richard die voor ons heeft gekookt. Hij spreekt Samuel toe; hij hoopt dat de ontmoeting met zijn geboortemoeder hem rust brengt. Samuel knikt. Later die week ontmoeten we haar nog eens, weer in het park. Samuel speelt bij een fontein terwijl wij praten. Dat wil Samuel zo. En zij ook. Hij roept: “Mama, kijk hoe het water spat!”, daarbij kijkt hij mij aan. “Leuk”, roep ik terug en dan kijk ik naar zijn andere moeder. “Is het niet rot voor je als hij mij mama noemt?” vraag ik haar. “Nee”, zegt ze beslist, “ik ben er juist blij om”. Ze gaan nog eens op de foto samen en nemen dan afscheid. Met lieve aandacht voor elkaar, maar niet hartverscheurend, tragisch of naar.

Deze reis had niet beter kunnen verlopen. Zijn geboortemoeder zegt dat ze zich stukken lichter voelt. Ook Samuel zit sindsdien beter in zijn vel. Hij is minder vaak boos of dwars, praat gemakkelijker over zijn gevoelens. De expliciete instemming van zijn geboortemoeder is ook voor mij onbetaalbaar – het heeft mijn zelfvertrouwen als moeder doen groeien.

In de Verenigde Staten heeft de geboortemoeder een grote stem in het kiezen van adoptieouders voor het kind. Ze maakt haar keuze aan de hand van foto’s en een gezinsrapport. Als adoptiegezin ben je verplicht jaarlijks een mail of een brief te sturen. In de praktijk onderhouden veel adoptieouders in Nederland frequenter goede, persoonlijke contacten met de biologische familie. Dit varieert van telefoneren en skypen tot jaarlijkse ontmoetingen. De meeste Amerikaanse adoptiekinderen worden als (pasgeboren) baby geadopteerd. Velen hebben een beladen achtergrond, bijvoorbeeld door drugs- en alcoholgebruik tijdens de zwangerschap, en/of psychische aandoeningen bij ouders.

 

Tekst: Hille Takken

Dit artikel verscheen in Adoptiemagazine 2014 januari – Thema Uit elkaar
Dit artikel verscheen tevens in een andere versie in NRC Handelsblad.