Afstand ter adoptie in Nederland in 2015

Wat hebben Penney de Jager, Joni Mitchell, David Crosby, Patti Smith en Rod Stewart met elkaar gemeen? Zij stonden allemaal ooit een kind af voor adoptie. Van veel mensen weten we dit niet, zelfs niet van beroemde mensen. Afstand ter adoptie is nog vaak een taboe. Ook in deze tijd overwegen ouders hun kind af te staan. Wie zijn deze moeders en soms ook vaders?

voornemensFiom heeft geïnventariseerd hoeveel vrouwen1 in 2015 bij een voornemen tot afstand begeleiding hebben gehad van Fiom Den Bosch, Fiom grote steden of Siriz2. In dat jaar meldden zich in Nederland 74 vrouwen met een voornemen tot afstand ter adoptie bij Fiom of Siriz en kozen 16 vrouwen ervoor om hun kind daadwerkelijk af te staan (afbeelding 1). In 2014 waren dat er 26. Gemiddeld over de laatste 15 jaar gaat het om 20 keer per jaar.

Leeftijden

Van de 74 vrouwen met een voornemen tot afstand waren de meeste tussen de 20 en 30 jaar oud (N=40). Er waren 12 vrouwen onder de 20 jaar, waarvan 8 onder de 18 jaar. 5 vrouwen waren 40 jaar of ouder. De gemiddelde leeftijd was 26,4 jaar.

Van de 16 vrouwen die er in 2015 voor kozen hun kind af te staan voor adoptie was de gemiddelde leeftijd 27,4 jaar. In de periode 1998­–20073 was de gemiddelde leeftijd 23,5 jaar. In die periode konden meisjes onder de 18 jaar nog kiezen voor afstand ter adoptie. Dat kan sinds een aantal jaren niet meer. Het kind van een meisje onder de 18 dat niet zelf voor het kind kan zorgen gaat naar een perspectief biedend pleeggezin. Van de 8 meisjes die in 2015 een voornemen hadden tot afstand zijn er 5 toch zelf voor hun kind gaan zorgen met behulp van familie, 2 kozen voor een netwerkplaatsing met het perspectief zelf zorgen en 1 meisje wilde dat haar vriend met zijn vader voor het kind ging zorgen.

Nationaliteit en religie

nationaliteitVan de 74 vrouwen met een voornemen tot afstand was meer dan de helft van Nederlandse afkomst (afbeelding 2).

Van de 16 vrouwen die kozen voor afstand ter adoptie waren er 9 Nederlands en 5 Pools, terwijl uit Eritrea en Italië elk 1 vrouw kwam.

Religie speelde een rol bij 18 van de 74 vrouwen met een voornemen tot afstand. Van de 16 moeders die kozen voor afstand ter adoptie was er 1 katholiek, 1 moslim en de rest had geen geloof of het speelde geen rol in de besluitvorming.

Stadium zwangerschap bij aanmelding

stadiumDe grootste groep vrouwen meldde zich bij Fiom of Siriz bij een zwangerschap van 30 weken of meer (N=50). 22 vrouwen meldden zich aan bij een zwangerschap van 35-40 weken. Van 14 vrouwen kwam de aanmelding vlak voor, tijdens of na de bevalling. Dus bij bijna de helft van de vrouwen (14 + 22 = 36) was er (behoorlijk) spoed geboden bij de begeleiding (afbeelding 3).

Wanneer de vrouwen de zwangerschap ontdekten, is van lang niet iedereen bekend. Wel staat vast dat 6 vrouwen de zwangerschap pas ontdekten toen ze 30-35 weken zwanger waren, 6 bij een zwangerschap van 35-40 weken en 6 pas bij de bevalling.

Hoe kon het gebeuren dat 6 vrouwen de zwangerschap pas ontdekten bij de bevalling? Eén vrouw was negen maanden voor de bevalling een avond bij een studiegenoot geweest en kon zich de volgende dag niet veel meer herinneren. Achteraf blijkt dat ze die avond is gedrogeerd en verkracht. Een andere vrouw bleef maandelijkse bloedingen houden. De zwangerschap was niet zichtbaar of voelbaar, ook haar vriend had niets gemerkt. Zij beviel in haar eentje op het toilet na hevige buikpijn. Drie van de vrouwen deden een hbo-opleiding. De gedrogeerde en verkrachte vrouw is de enige die haar kind heeft afgestaan voor adoptie, de anderen zijn zelf voor hun kind gaan zorgen, alleen of samen met partner of familie.

De verwekker

59 van de 74 vrouwen met een voornemen tot afstand gaven aan dat ze wisten wie de verwekker was. Van deze verwekkers waren er 41 op de hoogte van de zwangerschap en 27 betrokken bij het besluitvormingsproces.

In de 16 situaties waarin de vrouw afstand heeft gedaan voor adoptie, gaven 11 vrouwen aan dat de verwekker hun bekend was. Van deze verwekkers waren er 5 op de hoogte van de zwangerschap en 3 betrokken bij het besluit tot afstand ter adoptie.

3 van de 16, dat lijkt heel weinig, maar vergeleken met eerder onderzoek is het aantal duidelijk gegroeid. In de periode 1998–2007 waren slechts 10 van de 200 verwekkers betrokken bij de besluitvorming. Het aantal is dus gegroeid van 5% naar bijna 20%. Ook in de praktijk is merkbaar dat er een verandering is: vaders zijn meer betrokken dan vroeger.

Omstandigheden en motieven

Er is niet echt een rode draad aan te geven waarom een vrouw haar kind voor adoptie afstaat. Meestal zijn er problemen op verschillende gebieden en dwingt de onbedoelde zwangerschap keuzes te maken.

Van de 16 vrouwen die in 2015 hun kind hebben afgestaan hadden er 7 al kinderen. Zij stonden er alleen voor doordat ze geen partner hadden of doordat hun partner ziek was, ze hadden er hun handen aan vol. 3 van hen waren Pools en hadden zorg voor familie of kinderen in hun land van herkomst.

4 van de vrouwen die afstand deden, waren verkracht; één ontdekte het pas bij 36 weken zwangerschap, een ander bij de bevalling. Deze vrouwen voelden geen band met het kindje of waren bang dat het kindje hen zou herinneren aan de traumatische gebeurtenis. Daarnaast werd genoemd als reden om afstand te doen: geen inkomen, geen onderdak, geen netwerk, te jong om moeder te zijn, het kind een goed leven gunnen, angst voor eerwraak of geen kinderwens. Ook in onze tijd zijn er dus nog redenen om een kind af te staan voor adoptie.

Wat hebben Steve Jobs, Liesbeth List, Lavinia Meijer, Mario Balotelli en Jody Bernal met elkaar gemeen? Ze zijn allemaal geadopteerd. En hebben iets bereikt in het leven. Dat zal hun moeders goed doen, want afstandsmoeders hebben in ieder geval met elkaar gemeen dat ze het beste willen voor hun kind.

Auteur: Astrid Werdmuller

1 Voor de leesbaarheid en omdat de biologische vader vaak niet betrokken is bij het besluit tot afstand, spreken we voornamelijk over de moeder of de vrouw.

2 Fiom Den Bosch opereert landelijk, daarnaast begeleiden Siriz en Fiom-bureaus van de grote steden Amsterdam, Utrecht en Rotterdam bij een voornemen tot afstand ter adoptie. Met behulp van gegevens van deze instellingen zijn de cijfers tot stand gekomen. Fiom Rotterdam is helaas per 1 januari 2016 opgeheven.

3 Zie het onderzoek van Pien Bos, Fenneke Reysoo en Astrid Werdmuller: ‘In één klap moeder, en ook weer niet’ , Den Haag en Den Bosch, 2011.