Drieluik: geadopteerde Anne-Marie Goossens

Getrouwd, moeder van twee zoons en een dochter
Leeftijd: 54 jaar
Beroep: eigenaresse financieel adviesbureau
Woonplaats: Venray

‘Het doet pijn. Het gevoel hebben er niet toe te doen’

Spelenderwijs is mij van kleins af aan verteld dat ik geadopteerd ben. Mijn adoptieouders hadden net een eigen baby verloren. Het kindje had één dag geleefd. Ik was elf dagen toen ik bij hun kwam. Vanaf mijn zesde ben ik me echt bewust dat ik geadopteerd ben en sindsdien is mijn leven nooit meer onbezorgd geweest. Ik voelde me altijd alleen en verdrietig maar durfde er niet over te praten. Uit loyaliteit naar mijn ouders. Ik was bang dat ik ondankbaar over zou komen…

Zo’n zeventien jaar geleden ben ik – zonder het aan mijn kinderen te vertellen – via Fiom op zoek gegaan naar mijn biologische moeder. Ze was snel gevonden. Ik ben geboren in de Vroedvrouwenschool in Heerlen en ik beschikte over goede aanknopingspunten. In eerste instantie reageerde ze afwijzend, ze wilde geen contact met mij. Na een tweede brief stemde ze in met een ontmoeting bij Fiom. Onder de voorwaarde dat het eenmalig zou zijn. Bij nader inzien vond ze dat zelf toch lastig vol te houden. We hebben elkaar vervolgens een jaar of tien lang    één keer per jaar   gezien.
Ze bleek enkele jaren na mijn geboorte, getrouwd te zijn met mijn biologische vader. Samen hebben ze nog twee kinderen gekregen, een zoon en een dochter. Mijn volle broer en zus dus. Maar mijn biologische ouders willen niet dat zij weten dat ik besta. Niemand mag het weten. Ik ben een geheim.
Zelf heb ik het ook lang stilgehouden. Om mijn (adoptie)ouders niet te kwetsen. Pas in 2011 heb ik het aan mijn eigen kinderen verteld. Niet eerder, ook weer uit loyaliteit, naar hun opa en oma… De jongens reageerden boos, boos op mijn biologische ouders. Het liefst wilden ze er direct heengaan. Mijn dochter was verdrietig, zij voelde mijn pijn.
Het contact met mijn biologische moeder was toen inmiddels verbroken. Sinds 2011 heb ik haar niet meer gezien. Ze werd kortaf omdat ik bleef aandringen op contact met mijn biologische broer en zus. Dat wilde ze pertinent niet. Eind 2010 was ik emotioneel helemaal vastgelopen. Ik heb aangegeven dat zodra ik er klaar voor was, ik zelf zou gaan zoeken. Daarop kreeg ik te horen dat ze twee en geen drie kinderen had en dat ze er alles aan zou doen om ervoor te zorgen dat we nooit met elkaar in een ruimte terecht zouden komen.
Uiteindelijk ben ik zelf gaan zoeken en heb mijn broer gevonden. Op een dag heb ik hem een e-mail gestuurd. Anderhalf uur later al kreeg ik een reactie: hij was geschrokken, had zijn moeder ermee geconfronteerd en zij had het bevestigd. Wauw, het gevoel dat ik erkend werd, dat was een enorme opluchting. Een week of drie later hebben we elkaar ontmoet en twee uur lang gesproken. Hij zei dat ik sprekend op een tante van hem lijk, een zus van onze moeder. Maar hij zei ook: “Je bent gelukkig getrouwd, wat zoek je? Je bent toch goed terechtgekomen?” En hij vertelde dat mijn vader zou hebben gezegd: “Ik heb bij de afstand zoveel pijn gehad, dat wil ik niet nogmaals meemaken. Daarom had ik het geheim liever mee willen nemen in mijn graf.”
Het doet pijn. Het gevoel hebben er niet toe te doen, het ongewenst zijn. Dat voelt nog steeds zo. Ik wil bestaansrecht krijgen van mijn ouders, zus en broer. Ik had er misschien begrip voor gehad als ze getrouwd was met een andere man. Nu niet. Ik ben 100 procent hun dochter!
Samen met andere geadopteerden heb ik onlangs De Verzwegen Generatie opgericht. Een online platform waarin we aandacht vragen voor onze situatie en ruimte geven aan lotgenoten om elkaar te ontmoeten. Daarmee ben ik voor het eerst naar buiten getreden met mijn verhaal. Het heeft me een stuk rust gegeven. En ik heb heel veel lieve reacties gekregen. Dat doet me goed.

Het Drieluik in dit nummer heeft als thema binnenlandse adoptie. Zie voor informatie over De Verzwegen Generatie pagina 5 of kijk op www.facebook.com/deverzwegengeneratie/