Drieluik: geadopteerde Sharon Smeets-Leentfaar

Leeftijd: 39
Moeder van dochter (6)
Beroep: coach/trainer Balanced Identity
Woonplaats: Berkel en Rodenrijs

Adoptie als een rode draad door mijn leven

Zes jaar geleden, na de geboorte van mijn dochter, raakte mijn adoptie mij weer vol in het hart. Mijn wereld stond even letterlijk stil. Emotie en tranen van blijdschap dat ze gezond was geboren. Maar tegelijkertijd de harde werkelijkheid. Een flashback die mij meenam, terug naar mijn eigen geboorte.

Het moment dat mijn dochter werd geboren en in mijn armen werd gelegd, was het moment dat ik destijds werd weggehaald, weggegeven. Een handeling waarmee de band tussen mij en mijn biologische moeder definitief werd verbroken.

Toen mijn dochter twee maanden oud was, kwam dit besef opnieuw. Want op die leeftijd werd ik geadopteerd en kwam ik met het vliegtuig vanuit Bangladesh naar Nederland.

Er kwamen gevoelens van onbegrip boven. Hoe kun je zo’n klein lief mensje, dat helemaal afhankelijk is van jou, met wie je negen maanden lang een band hebt opgebouwd in je buik, daarna afstaan?

Mijn moeder heeft het gedaan. En natuurlijk, de omstandigheden voor haar waren heel anders dan die waarin ik nu verkeer. Maar toch, emotioneel… wat heeft dat met haar gedaan? En, als ze nog leeft, wat doet het nu nog steeds met haar? Er zijn zo veel vragen die ik haar zou willen stellen. Vragen die voor mij helend zijn voor het afsluiten van mijn interne reis.

Vragen, vragen en nog eens vragen. Aan mij worden ook altijd vragen gesteld. Vragen waarop de antwoorden voor veel mensen zo vanzelfsprekend zijn. Lijk jij op je moeder? Heb je dit karakter van je vader? Waar kom je dan vandaan? Ben je wel eens teruggegaan? Weet je wie je ‘echte’ ouders zijn? Houd je van pittig eten?

Deze vragen waren vooral toen ik een klein meisje was vervelend en pijnlijk. Pijnlijk in de zin van dat ik er continu op werd gewezen dat ik geadopteerd was en dat ik anders was. Als mensen nu die vragen stellen, dan kan ik er bewust wel op reageren of niet. Ook raakt het mij nu veel minder en ben ik sterker geworden.

Mijn dochter begon voor het eerst vragen te stellen toen ze een jaar of vier jaar oud was. “Mama, waarom lijk je niet op oma?” Die vraag bracht mij uit balans en ik kreeg er een onprettig gevoel bij. Ik wist dat die vraag ooit zou komen, maar hij kwam toch nog onverwacht. Op een eenvoudige manier heb ik haar uitgelegd wat geadopteerd zijn betekent. En zij reageerde zoals een kind alleen maar kan reageren: heel onbevangen.

Op haar vijfde verjaardag wilde ze een doosje kopen voor haar ‘echte oma’. Daar deed ze kleine spulletjes in. “Zo kunnen we aan haar denken als we het doosje zien”, zei ze. Ik sta verbaasd over hoe wijs ze kan zijn.

Wat ik weer leer van haar is dat zij dingen accepteert zoals ze zijn. Ze benoemt het en raakt het aan, zoals een kind dat doet: heel onbevangen.

Geadopteerd zijn loopt als een rode draad door mijn leven. En bij iedere grote stap die ik zet, ben ik me hiervan bewust. Bewust van het onbewuste. Vragen die komen en vragen die ik niet kan beantwoorden. Mijn interne reis is oneindig.