Het is een bühnebeest, hij hóórt op het podium

Adoptiemoeder Roosmarie Wilmering
Leeftijd: 59 jaar
Getrouwd: moeder van dochter en zoon
Woonplaats: Zeist

Al voor ons huwelijk hadden we afgesproken dat we kinderen zouden gaan adopteren, naast eigen kinderen. We hebben hier immers zoveel in overvloed. Dat leek ons goed om te doen. Op natuurlijke wijze kwamen er echter niet zomaar kinderen en op aanraden van vrienden die zeiden: “Adoptie duurt toch zo lang, waarom schrijf je je dan niet alvast in?”, hebben we toen de adoptieprocedure in gang gezet. Ondertussen raakte ik toch zwanger en vervolgens werd onze dochter geboren. Dat heeft de adoptieprocedure een jaar opgeschoven maar daarna kregen we uiteindelijk eind december 1988 het voorstel om Michael te adopteren. In april 1989, toen hij vier maanden oud was, is hij naar Nederland gekomen. Omdat ik door een handicap niet kan vliegen, heeft mijn man hem alleen opgehaald. Achteraf bezien was dat niet zo’n goed idee om hem alleen te laten gaan, hij had iemand die dicht bij hem stond mee moeten nemen op zo’n emotionele reis, en dan ook nog eens alleen met zo’n kindje. Dat is voor hem wel heel zwaar geweest.

Maar goed, hij kwam terug met een heerlijke baby. Michael voelde voor mij meteen helemaal eigen, precies hetzelfde als bij onze biologische dochter. Het enige verschil was dat hij toevallig niet uit mijn buik was gekomen.
Het ging allemaal helemaal goed. Tot we rond zijn vierde gingen verhuizen. Daarna kreeg hij nachtmerries en werd hij soms wel zes keer per nacht wakker. De homeopaat waar wij al met hem kwamen vanwege astma zei: “Volgens mij is hij bang dat hij weer achtergelaten wordt.” De verhuizing had dat aangewakkerd. Toen zijn we het hele stuk van de hechting weer opnieuw in gaan halen. Compleet met babyfase en al. Ik denk dat dit fijn geweest is voor de rest van zijn leven. Dat heeft volgens mij een goede basis gelegd waardoor hij nu heel bewust in het leven kan staan. We hebben geboft dat we op tijd de juiste mensen zijn tegengekomen toen het moeilijk was.

Al ging het op zijn vijfde, zesde ook weer wat minder. Hij was ongelukkig op de school waarop hij zat. Dezelfde als onze dochter… We hebben hem toen van die school gehaald en naar de Vrije School gedaan, dat heeft hem gered. Daar was hij op zijn plek, daar deden ze veel aan muziek, daar mocht hij toneelspelen.
Voor ons als ouders was lang onduidelijk wat hij ‘later’ zou gaan doen. Dat hij op een gegeven moment zó gegrepen werd door de muziek was heel fijn. Al zijn talenten, zijn ongedurigheid, zijn taligheid, zijn acteertalent, zijn geweldige stem: alles komt samen in de opera. Het is een echt bühnebeest, hij hóórt op het podium. Hij kan ook nog eens enorm goed met mensen omgaan. Het is fantastisch om te zien dat hij doet waar hij voor geboren is. Voor mij is het een droom die uitgekomen is, dat hij gelukkig is met wat hij doet. Dat zijn ziel gevoed wordt, dat vind ik heel fijn.

Roosmarie is de moeder van geadopteerde Michael.