Vakantie: houd de wereld klein

Een berg beklimmen, de wereld zien of juist even helemaal niks! Vakantieverwachtingen lopen nogal eens uiteen. In ieder gezin, adoptiegezinnen zijn daarop geen uitzondering. Of toch wel? “Misschien een beetje. Bij adoptiekinderen ligt op vakantie gaan vaak wat gecompliceerder”, zegt Meike Melenhorst, voorlichter en video-interactiebegeleider bij Adoptievoorzieningen.

meikeToegegeven, het is een beetje generaliserend. Maar toch, het heeft er op zijn minst de schijn van dat er onder adoptieouders relatief veel reislustige types zitten. Soms speelt dat zelfs een rol in hun keuze voor adoptie. Afgezien daarvan zijn de huidige dertigers en veertigers veelal opgegroeid met het idee dat op vakantie gaan primair leuk is en dat ze het ‘verdiend’ hebben.

Voor adoptiekinderen ligt dat vaak anders. Sterker nog, voor hen kan het zelfs angstaanjagend zijn om huis en haard achter te moeten laten. Ze kunnen bang worden als de koffers worden ingepakt, de bestemming vreemd is. De grote vraag is immers: kom ik hier nog terug?

“Voor ouders kan dat lastig zijn om in te voelen”, zegt Melenhorst. “Omdat thuiskomen voor hen vanzelfsprekend het gevolg is van vertrekken, wordt dat vaak niet nadrukkelijk benoemd. Zeker als een kind al een tijd in het gezin is en het als vanzelfsprekend voelt, alsof het kind er altijd geweest is. Dan is dat ook niet meer dan logisch. Ouders zijn er soms verbaasd over, zeggen tegen hun kind: ‘Maar je weet toch dat we weer naar huis gaan?’ Maar weten in je hoofd en voelen in je lijf zijn twee verschillende dingen.”

Volgens Melenhorst is het heel belangrijk om kinderen voor vertrek duidelijk te maken dat het om iets tijdelijks gaat. Ze raadt ouders aan om bijvoorbeeld samen met het kind alvast een schone pyjama klaar te leggen op bed, of iets uit te lenen aan opa en daarbij te zeggen dat je dat na de vakantie weer op komt halen. En blijven zeggen dat je allemaal weer terugkomt. Dat het huis er nog staat. “Zorg voor een goede voorbereiding. Je kunt bijvoorbeeld al een keertje thuis de tent opzetten als je voor het eerst gaat kamperen. Of je gaat een keertje kijken bij het vakantiepark waar je naartoe gaat. Sommige kinderen kunnen echt in paniek raken als ze niet weten wat hun te wachten staat.”

Voorbereiden is één ding. De keuze van bestemming en verblijf is twee. Ga je naar een all-inclusive resort in Turkije of een kleine camping in Frankrijk, blijf je thuis tijdens de vakantie of ga je misschien terug naar het land van herkomst? Het succes hangt mede af van het kind. Melenhorst: “Neem zo’n all-inclusive formule. Voor een kind dat ondervoed is geweest, is dat bijna niet te doen. De hele dag is er overal eten en drinken, dat geeft gegarandeerd stress. Continu mensen horen praten in een vreemde taal kan ook oude wonden openhalen. Een omgeving met veel prikkels is voor adoptiekinderen ook vaak niet prettig. Houd de wereld juist klein. Geniet van elkaar als gezin, zoek de rust op. Even niets moeten. Tutten op de vierkante meter noem ik het. We horen van adoptieouders dat hun kind juist dan enorme sprongen in de ontwikkeling maakt. Als vakantie dat effect heeft, is het natuurlijk geweldig!”

Zoveel mensen, zoveel wensen. Hieronder volgen een paar voorbeelden uit de vakantiealbums van drie adoptiegezinnen.

broertjes artDe een wil sneeuw, de ander strand

Yverdon (18) en Kenby (17) zijn twee biologische broers. Dat ze dezelfde genen hebben, wil echter niet zeggen dat ze hetzelfde denken over de ultieme vakantie. Helemaal niet zelfs. De een houdt van sneeuw en de ander van strand.

Hun eerste grote reis maakten ze toen Yverdon ruim vier jaar oud was en Kenby bijna drie. Toen werden ze door hun adoptieouders Fer en Marianne opgehaald in weeshuis Maison de l’Espérance in Haïti. Na een tussenstop van twee weken op Curaçao – beetje bijkomen, beetje aan elkaar wennen – vlogen ze naar Nederland.

Alaska, Botswana, Bonaire, Frankrijk en nog veel meer bestemmingen volgden. Marianne en Fer houden erg van reizen en willen hun jongens ook graag veel van de wereld laten zien. Even is zelfs nog serieus overwogen om een paar jaar in Afrika te gaan wonen. Fer en Marianne – beiden werkzaam in het onderwijs – wilden daar vrijwilligerswerk gaan doen. Het idee ketste uiteindelijk af op het gebrek aan een goede, voor vrijwilligers betaalbare school voor de jongens. Om de afweging goed te kunnen maken verbleef het gezin toen wel vier maanden in Afrika. Yverdon, destijds een jaar of tien, herinnert het zich nog goed: “Ik vond het daar op dat moment niet zo leuk. Ik was blij dat we terug naar Nederland gingen. Achteraf denk ik: het had misschien toch wel interessant kunnen zijn. Beetje fifty-fifty.”

Yverdon heeft sowieso weinig last van het reisvirus waarmee zijn ouders besmet zijn. Eerlijk gezegd is hij juist heel graag thuis tijdens de vakanties. Zeker nu hij wat ouder is, hoeft hij tijdens de zomer niet zo nodig weg. Hij wil net zo lief, of misschien zelfs liever, gewoon ergens in de buurt gaan chillen met zijn vrienden. Dat is voor hem momenteel de ultieme vakantie.

De Franse campings staan de laatste jaren dan ook al niet meer op het programma. “We proberen dingen te zoeken die we allemaal leuk vinden. Maar dat wordt moeilijker”, zegt Fer. Daarom zijn ze onlangs ook een keer opgesplitst. Fer ging met Yverdon naar Florida. “De alligators daar, die wilde ik zien, dat vind ik wel interessant. En we hebben gedoken met zeekoeien”, zegt de 18-jarige. Marianne ging met Kenby op wintersport. “Ik ben echt dol op snowboarden”, glundert hij. Voor Marianne was dat geen opoffering, ook zij houdt van sneeuw. Wintersport is waarschijnlijk een blijvertje voor het hele gezin. Ook Yverdon en Fer hebben er zeker geen hekel aan.

“Maar die saaie, kleine campings in Frankrijk, dat hoeft voor mij niet meer. Dat was nog wel wat tot we een jaar of tien, twaalf waren, maar daarna niet meer. Ik geloof trouwens dat ik sowieso wel wat meer van luxe houd dan van kamperen. Doe mij maar een mooi hotel”, lacht Kenby.

En terug naar Haïti? Daar zijn de twee het wel over eens. Daar hebben ze allebei voorlopig geen enkele behoefte aan.

art 5 juanliMisschien op korte termijn terug naar China

Jianli (7) is geboren in China. In maart 2013 kwam hij naar Nederland, ruim vier jaar oud. Tot die tijd was hij waarschijnlijk amper buiten geweest, denkt moeder Hilda. De eerste periode was behoorlijk zwaar. “Hij wees mijn man totaal af. Heel heftig. Het trok ons helemaal leeg.”

Andere adoptieouders die deel uitmaakten van de groep in China en die al eerder een dochter hadden geadopteerd, zeiden dat hun kind na hun eerste vakantie met het vliegtuig een stuk rustiger was geworden omdat ze merkte dat ze ook weer naar huis ging na de vakantie. Mede daarom ging het kersverse gezin een maand of drie na de komst van Jianli op zomervakantie. De reis ging ‘om het simpel te houden’ naar Mallorca. En dat verliep, gezien de omstandigheden, nog aardig goed ook. Een jaar later deden ze dat, mede vanwege die geslaagde ervaring opnieuw. “We dachten: laten we hetzelfde doen als vorig jaar, om het niet te moeilijk te maken.”

Helaas, het werd geen onverdeeld succes. Hilda vertelt: “Jianli ging volledig uit zijn raampje, een term die we inmiddels hebben geleerd van hulpverleners. Hij werd heel onrustig. Op een gegeven moment wilde ik alleen nog maar naar huis. Ik wist me geen raad meer. Vanuit ons vakantieadres in Spanje heb ik naar de telefonische hulpdienst van de Adoptievoorzieningen gebeld. Zij adviseerden: houd hem dicht bij je. Trek je terug, neem rust. Maak de wereld kleiner. Terwijl wij dachten: laat hem lekker naar het zwembad gaan om met andere kindjes te spelen, dat is leuk voor hem.”

“Het werkte inderdaad om hem dicht bij ons te houden. Nog steeds heeft hij moeite met schakelmomenten. Dan luistert hij slecht en gaat hij lawaai maken. Ook dan passen we die methode toe: we maken zijn omgeving veilig, rustig en laten hem een beetje zijn gang gaan. Niet te veel willen, wel af en toe een knuffel geven. Dat hebben we moeten leren, in het begin vond ik dat best lastig.”

“Onlangs zijn we vier dagen naar een vakantiepark bij de Efteling geweest. De eerste twee dagen is hij dan heel onrustig. Hij beseft dat maar kan er weinig aan doen. Ik verwacht dat dat voorlopig niet gaat veranderen. Het hoort bij hem. Hij heeft heel veel liefde en aandacht nodig en dan nog zal er misschien een stukje onrust overblijven. De moeilijke start van zijn leven zal hij met zich mee blijven dragen. Ondanks de onrust die het hem brengt, wil Jianli altijd dolgraag op vakantie. Hij heeft het er het hele jaar over dat hij naar Spanje wil, dat hij zon en zwemmen heerlijk vindt. Maar wie weet, gaan we binnenkort eerst nog wel naar China. We zijn bezig om een tweede kind te adopteren en het kan best zijn dat we op korte termijn gematcht worden.”

Verder weg voelen ze zich thuis

Het gezin van Roel en Imelda werd vorig jaar uitgebreid met een meisje: Junbing. Samen met hun zonen Juan Pablo (14) en Djersen (10) gingen ze de zesjarige dame ophalen in China. Daarmee telt de familie nu vier verschillende geboortelanden. Juan Pablo komt uit Colombia, Djersen uit Haïti, en Roel en Imelda zijn geboren in Nederland.

Eén ding hebben ze volgens Imelda gemeen: allemaal zijn ze zeer reislustig. “De jongens vinden het heel leuk om op vakantie te gaan. Zeker als we wat verder weg gaan, bijvoorbeeld naar Egypte of Kenia, daar voelen ze zich meteen meer thuis dan in Nederland. Met name omdat er dan meer gekleurde mensen om hen heen zijn. Maar ook vanwege de geuren, het eten. Dat kan heel vertrouwd voelen, ook al is het dan helemaal niet hun land van herkomst, dat maakt niet uit.”

“Maar dat doen we niet altijd. Komende zomer gaan we bijvoorbeeld naar Turkije. Zitten we drie weken lang in zo’n resort met zeven zwembaden en glijbanen, alles erop en eraan, heel relaxed.”

Alle drie de kinderen hebben aangegeven ooit nog weleens op rootsreis, terug naar hun geboorteland te willen. In 2013 is het gezin naar Colombia geweest. “Een van de allerleukste vakanties ooit”, vertelt Imelda. “We zijn op bezoek geweest bij het pleeggezin van Juan Pablo, dat was een ontzettend warm weerzien. Zijn pleegzusje had hem echt gemist. Die twee zagen elkaar en het was meteen weer helemaal oké. Voor Juan Pablo was het thuiskomen, hij was er helemaal op zijn gemak. Zijn moeder hebben we niet kunnen bezoeken omdat zij in een voor ons onveilig gebied zat. Wel hebben we nog in een hotel op een verder onbewoond eiland gezeten, echt geweldig. Daar zou ik nog wel een keertje naartoe willen.”

Djersen heeft gezegd dat hij ook wel een keer terug wil naar Haïti. Imelda sluit niet uit dat ze dat ook daadwerkelijk ooit zullen doen. “Maar Haïti is niet echt een gemakkelijk vakantieland. Ik denk dat we die reis in Nederland goed voor moeten bereiden. Eventueel al hier gaan zoeken naar de familie van Djersen. Dat hadden we voor ons vertrek naar Colombia eigenlijk niet gedaan. Wij zijn niet zo van het plannen, we willen niet alles van tevoren vastleggen maar graag de ruimte hebben om ergens te blijven als we dat willen. Dat heeft z’n voordelen maar is niet altijd handig, zeker niet in Haïti, denk ik.”

Ook Junbing heeft op haar beurt gemeld best nog wel een keer terug te willen naar China. “En Roel en ik houden eigenlijk heel erg van Afrika… Haha, we hebben nog een hele wensenlijst met z’n allen. Dat vind ik leuk. Kunnen we telkens een andere bestemming kiezen. Vakantie is voor mij nieuwe dingen zien, ergens anders zijn maar ook rust en tijd samen doorbrengen. Liefst lekker in de zon.”

Tekst: Angela Jans