Illegale adopties blijven mogelijk door wegkijkende instanties

Tekst: Hélène van Beek

Cum laude. Zo promoveerde rechtsgeleerde Elvira Loibl op 15 mei aan de Universiteit Maastricht op het proefschrift ‘The transnational illegal adoption market: A criminological study of the German and Dutch intercountry adoption systems’. Journalist Hélène van Beek bekeek de dissertatie van 518 pagina’s dik en las ‘wonderlijke en op z’n zachtst gezegd opmerkelijke’ conclusies.

Loibl vergeleek de internationale adoptiepraktijken van Nederland en Duitsland. En kwam tot de conclusie dat er in beide landen te weinig toezicht op adopties is. En dat belangen van de veelal ongewild kinderloze wensouders meer tellen dan die van het te adopteren kind en zijn biologische ouders.

Deze conclusie zou schokkend moeten zijn, maar is het niet. Omdat algemeen bekend is dat buitenlandse adoptieprocedures zeer vaak corrupt zijn. Adoptie wordt niet voor niets, al lang, kinderhandel genoemd. Kinderen worden onder valse voorwendselen bij hun biologische ouders weggehaald, en door kinder- of ziekenhuizen verkocht. Door het vervalsen van documenten worden deze adopties vervolgens witgewassen, stelt ook Loibl. Adopties daalden wereldwijd met 80 procent. Maar omdat autoriteiten zowel in landen van herkomst als in adopterende landen wegkijken, blijft deze adoptiemarkt wel bestaan.

Klokkenluider Roelie Post

Als er misstanden bekend worden, dan komt dat vooral omdat journalisten ze blootleggen. Loibl noemt tv-programma’s Zembla en Brandpunt die adoptieschandalen in Bulgarije, Ethiopië en Sri Lanka aan de kaak stelden. Ook Argos (VPRO-radio) berichtte meermalen over corruptie in Ethiopië. En dagblad Trouw schreef veel over malafide adoptiepraktijken. Vaak nadat ze hierover informatie kregen van de Nederlandse Roelie Post, auteur van het boek ‘Romania for Export Only’ (2007), over corrupte adoptiepraktijken ten tijde van de toetreding van Roemenië tot de Europese Unie. Post was als ambtenaar van de Europese Commissie met mensen- en kinderrechten in Roemenië belast. Zij kreeg geen erkenning als klokkenluider en moest een jarenlange, bittere strijd voeren nadat ze op een zijspoor was gezet.

Roelie Post en Arun Dohle – een in Duitsland geadopteerde Indiër met zelf een ‘corrupt adoptiedossier’ – onderzoeken en bestrijden de wereldwijde adoptiecorruptie al meer dan tien jaar met de door hen opgerichte organisatie Against Child Trafficking (ACT). Zij overtuigden Ina Hut, destijds directeur van vergunninghouder Wereldkinderen, van misstanden in China, India, Haïti en Ethiopië. Volgens Loibl zag Hut uit zichzelf het licht. Hut meldde de corruptie inderdaad bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, zoals Loibl beschrijft. Maar het ministerie greep niet in omdat handelsbelangen belangrijker waren. Het was ook Hut die Post en Dohle vroeg adopties uit Ethiopië te onderzoeken. In het rapport ‘Fruits of Ethiopia’ concluderen zij dat bij 19 van de 25 adopties (periode 2004-2009) sprake was van onregelmatigheden. Het betrof, aldus ACT, niet toevallig een paar ‘rotte appels’ maar een corrupt systeem. Over Arun Dohle, die haar intensief hielp met leveren van bewijs voor adoptieschandalen, is Loibl desondanks niet zo positief: “Wiens enthousiasme en ja, soms tot vervelens toe, vasthoudendheid mij zeer hielp de donkere onderkant van de adoptie-industrie te ontdekken.” Wonderlijk. Een wetenschapper die corrupte adopties onderzoekt, noemt degene die haar gedetailleerd informeert vervolgens ‘vervelend’.

VN-kinderrechtenverdrag

Loibl noemt een pijler van adoptieprocedures, het Haagse Adoptieverdrag uit 1995, het ‘Paard van Troje’. De intentie ervan is volgens haar goed: illegale adopties voorkomen. In de praktijk komt van de ethische normen uit het verdrag echter weinig terecht, stelt ze. De adopterende landen, in dit geval Nederland en Duitsland, ‘monitoren’ te weinig ofwel er is onvoldoende controle waardoor de corrupte adoptie-industrie kan blijven bestaan.

Volgens critici, onder aanvoering van Post, maakt Loibl een fundamentele fout. Niet het Haags Adoptieverdrag moet leidend zijn bij adopties, wat nu wel het geval is, maar het VN-kinderrechtenverdrag. In het Haags Adoptieverdrag wordt adoptie gezien als een ‘kinderbeschermingsmaatregel’ en daardoor wordt adopteren gemakkelijk en kunnen illegale adopties worden gelegaliseerd. Het Haags Adoptieverdrag ondermijnt volgens Post het VN-kinderrechtenverdrag waarin staat dat een kind het beste in de eigen omgeving kan opgroeien. Als biologische ouders daartoe niet in staat zijn, moeten de mogelijkheden bij familie of anderen worden onderzocht. Adoptie wordt in het VN-kinderrechtenverdrag een extreme uitzondering.

Voor Loibl is het Haags Adoptieverdrag leidend. En hoewel ze uitputtend beschrijft hoe en waar corruptie plaatsheeft, concludeert ze toch niet dat internationale adoptie moet worden gestopt. Omdat er altijd wensouders blijven die een kind willen adopteren en zij anders ondergronds zullen gaan, is haar redenering.

Pro-adoptielobby

De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ), ook door Loibl gememoreerd, adviseerde november 2016 wél met interlandelijke adopties te stoppen. Maar dit advies stierf een stille dood. Een belangrijke reden daarvoor is ongetwijfeld de ongekende kracht van de pro-adoptielobby, ook in Nederland. En dus gaat interlandelijke adoptie door en verplaatst die zich na schandalen en verbod op adopties van het ene land naar het andere.

Opmerkelijk is daarom dat Loibl in haar omvangrijke proefschrift slechts twee keer het woord ‘lobby’ noemt. Op pagina 88: “Critici van interlandelijke adoptie staan voor een krachtige pro-adoptielobby, waaronder politici, adoptanten, conservatieve denktanks en juridische wetenschappers die de ernst en de reikwijdte van de illegale en negatieve adoptiepraktijken ontkennen.” Maar de macht van deze allesbepalende lobby komt in het proefschrift niet aan bod.

Opmerkelijk ook is dat de Amerikaanse rechtsgeleerde prof. David Smolin (Samford University, VS) in haar beoordelingscommissie zit. Hij adopteerde twee meisjes uit India maar wist op het moment dat ze in Amerika uit het vliegtuig stapten al dat het fout was en “deze kinderen niet in de Verenigde Staten wilden zijn”. Smolin vertelt in de Duitse documentaire ‘Babies for Sale Welweit’ (WDR, 9 oktober 2008) dat het illegale adopties vanuit een kindertehuis betreft, geregeld zonder toestemming van de moeder. Maar hij en zijn vrouw legaliseerden deze adopties vervolgens wel. Smolin is thans een befaamde adoptiecriticus.

De pers besteedde weinig aandacht aan Loibls dissertatie. Maar adoptie is momenteel wel volop en negatief in het nieuws. Tv-programma Nieuwsuur had recent een uitzending over grootschalige fraude met adoptie van kinderen uit Haïti die geen wees zijn. En een commissie onder leiding van mr. Tjibbe Joustra onderzoekt momenteel “de rol en verantwoordelijkheid van de Nederlandse overheid bij interlandelijke adoptie”. Komt deze commissie met conclusies die Loibl niet trekt? Het systeem faalt en in dit systeem is er geen ruimte meer voor adopties.