Internationaal gezin tegen wil en dank

Tekst: Vera Kidjan

Benjamin en Sophie ontmoeten elkaar tijdens hun studie aan de universiteit van Amsterdam. Benjamin is Nederlander en Sophie, geboren in São Paulo, heeft de Braziliaanse nationaliteit. Ze trouwen en hebben een kinderwens. Fertiliteitsbehandelingen die zij ondergaan, geven geen resultaten. Ze verhuizen naar Brazilië. Benjamin krijgt een Braziliaanse verblijfsvergunning en een baan aan de universiteit in São Paulo. Sophie gaat aan de slag als freelancer voor een Amerikaans bedrijf. In de loop der tijd vormen ze samen met twee adoptiekinderen een gezin.

Marcia is in 2001 geboren. Kort na haar geboorte is zij te vondeling gelegd. Benjamin en Sophie komen via een maatschappelijk werkster in contact met Marcia. Zij nemen haar in huis. De maatschappelijk werkster bezoekt het gezin regelmatig en brengt een positief rapport uit. Al snel krijgen Benjamin en Sophie de voogdij over haar. Daarna starten zij de adoptieprocedure. De officier van justitie van het kinder- en jeugdrecht geeft een positief advies over de adoptie. De Braziliaanse rechter wijst in 2002 de adoptie toe. De naam van Marcia wordt gewijzigd. Zij krijgt dezelfde achternaam als Benjamin, haar vader. Een nieuwe geboorteakte van Marcia wordt ingeschreven met vermelding van Benjamin en Sophie als de ouders. Marcia krijgt een Braziliaans paspoort.

Een aantal jaren later adopteren Benjamin en Sophie, onder nagenoeg dezelfde omstandigheden, Roberto. Roberto is gevonden in een doos. Bij hem lag een briefje met zijn geboortedatum uit 2005 en het verzoek of iemand voor Roberto kan zorgen omdat de moeder dat niet kan. In november 2005 spreekt de rechtbank de Braziliaanse adoptie uit. Ook Roberto krijgt een nieuwe geboorteakte met vermelding van Benjamin en Sophie als zijn ouders. Roberto krijgt een Braziliaans paspoort.

Marcia en Roberto groeien op in dit internationale gezin. Zij gaan naar een internationale school waar de spreektaal Engels is. Zij worden tweetalig opgevoed: in het Engels en Portugees.

Vele jaren later wordt het leven in São Paulo steeds moeilijker. Marcia en Roberto kunnen niet meer veilig alleen over straat gaan. Benjamin en Sophie overwegen om terug te keren naar Nederland. In dat verband willen zij weten of de adopties van Marcia en Roberto in Nederland erkend kunnen worden. Zij wenden zich tot de rechtbank in Den Haag.

Bij internationale adopties wordt vervolgens aan één verdrag en vier verschillende Nederlandse wetten getoetst: het Haags Adoptieverdrag, de wetgeving over de erkenning van buitenlandse adopties, de Wet opneming buitenlandse pleegkinderen ter adoptie, de nationale wetgeving over Nederlandse adopties en de Rijkswet op het Nederlanderschap.

Eerst moet worden onderzocht of het Haags Adoptieverdrag van toepassing is. Nederland is sinds 1 oktober 1998 partij bij dit Verdrag en Brazilië sinds 1 juli 1999. Als het Haags Adoptieverdrag van toepassing wordt verklaard, dan worden de Braziliaanse adopties direct door Nederland erkend. Helaas is het Haags adoptieverdrag in dit geval niet van toepassing. Dat komt omdat het Haags Adoptieverdrag alleen toezicht houdt op situaties waarbij kinderen van één land worden overgebracht naar een ander land, dus bij internationale adopties. Bij Marcia en Roberta gaat het om plaatselijke adopties. Zij zijn niet naar een ander land overgebracht. De procedures hebben volledig in Brazilië plaatsgevonden. Daarom kunnen de Braziliaanse adopties van Marcia en Roberto niet op basis van het Haags Adoptieverdrag worden erkend.

De Nederlandse rechter moet daarbij altijd eerst onderzoeken of hij wel bevoegd is om een beslissing te nemen als alle partijen niet in Nederland wonen. Dit wordt getoetst aan de hand van de vraag of uit het feitenrelaas blijkt dat er voldoende banden met Nederland aanwezig zijn. De rechter geeft aan dat Benjamin de Nederlandse nationaliteit heeft en dat hij zich met het gezin in de toekomst in Nederland wil vestigen. Ook is overwogen dat Benjamin en Sophie een poos samen in Nederland hebben gewoond en zij ook in Nederland zijn getrouwd. De rechter komt tot de conclusie dat er daarom voldoende aanknopingspunten met Nederland te vinden zijn om over de adopties van Roberto en Marcia te oordelen.

Ten aanzien van Roberto overweegt de rechtbank als volgt: het Haags Adoptieverdrag is niet van toepassing nu de Braziliaanse adoptie van Roberto geen internationale adoptie betreft. Roberto is in Brazilië geadopteerd en verblijft daar nu nog.

Nu de adoptie van Roberto na 1 januari 2004 in Brazilië heeft plaatsgevonden moet worden getoetst aan de Wet conflictenrecht adoptie. Een buitenlandse adoptiebeslissing waarbij een adoptie tot stand is gekomen kan in Nederland direct worden erkend als zij is uitgesproken door een ter plaatse bevoegde autoriteit van de staat waar de adoptieouders en het kind zowel tijdens het adoptieverzoek als tijdens de adoptiebeslissing wonen. Ook mag het onderzoek en de rechtspleging niet onbehoorlijk zijn geweest, de adoptiebeslissing geen inbreuk maken op de openbare orde en de adoptiebeslissing niet betrekking hebben op een schijnhandeling.

De rechtbank stelt vast dat Roberto, Benjamin en Sophie tijdens het adoptieverzoek en de adoptiebeslissing allen in Brazilië wonen. Daarna toetst de rechter aan de Braziliaanse wetgeving, de artikelen 40 tot en met 47 van het ‘Estatuto da Crianca e do Adolescent’ en komt tot het oordeel dat de Braziliaanse adoptie in orde is. De rechtbank geeft een verklaring van recht af dat de Braziliaanse adoptie erkend wordt en dat deze als latere vermelding moeten worden opgenomen in het geboorteregister van de burgerlijke stand te Den Haag. Hierdoor wordt Roberto Nederlander.

Nu Marcia nog. Marcia is voor 1 januari 2004 geadopteerd. Toen bestond de Wet conflictenrecht adoptie nog niet. Marcia vraagt de rechtbank daarom haar zaak op dezelfde manier af te handelen zoals dat voor 1 januari 2004 gebeurde: via een Nederlandse adoptie ‘dubbelop’.

Ten aanzien van Marcia overweegt de rechtbank als volgt: ook in haar geval is het Haags Adoptieverdrag niet van toepassing. Ook komt de rechtbank tot de conclusie dat de Wet conflictenrecht adoptie niet van toepassing is. Maar dan passeert de rechtbank het argument van Marcia om haar verzoek te behandelen zoals dat voor 1 januari 2004 gebeurde. De rechtbank is van oordeel dat, voordat het verzoek tot een Nederlandse adoptie kan worden beoordeeld, eerst moet worden gekeken of de Braziliaanse adoptie van Marcia voor erkenning in aanmerking komt volgens het ongeschreven recht. Dat is het geval. De rechtbank oordeelt vervolgens dat een verklaring voor recht wordt afgegeven dat de Braziliaanse adoptie erkend wordt en dat deze als latere vermelding moeten worden opgenomen in het geboorteregister van de burgerlijke stand te Den Haag. Hierdoor wordt Marcia alleen geen Nederlander!

Dit zeer ongewenste resultaat accepteren Benjamin en Sophie niet. Zij gaan in hoger beroep bij het hof. Zij motiveren uitgebreid waarom het hof een adoptie ‘dubbelop’ moet accepteren. Dat is immers het onderwerp van geschil. Het hof slaat, tot ieders schrik, een volledig andere weg in.

Het hof gaat terug naar de eerste toets en onderzoekt opnieuw of de Nederlandse rechter wel rechtsmacht heeft in de zaak van Marcia. Het hof komt tot een volledig andere conclusie dan de rechtbank.

Het hof overweegt dat Benjamin Nederlander is maar buiten Nederland woont. Sophie bezit niet de Nederlandse nationaliteit en ook Marcia niet. De omstandigheid dat Benjamin wel de Nederlandse nationaliteit bezit en dat het adoptieverzoek tot gevolg heeft dat Marcia de Nederlandse nationaliteit krijgt, acht het hof op zichzelf beschouwd onvoldoende om tot rechtsmacht van de Nederlandse rechter te leiden. Benjamin en Sophie hebben nog aangegeven dat zij in het verleden vóór de geboorte van Marcia, enige tijd in Nederland hebben gewoond, dat zij zich verbonden voelen met de Nederlandse cultuur en zij dit ook overbrengen op Marcia en voorts dat zij – omdat zij een expatgezin zijn en de veiligheid in Brazilië in het geding is – de mogelijkheid willen openhouden om zich in de toekomst als gezin in Nederland te vestigen. Het hof vindt echter dat naar de omstandigheden gekeken moet worden zoals deze nu zijn om te toetsen of de zaak voldoende aanknoping heeft met Nederland. Het hof vindt de argumenten van Benjamin en Sophie niet voldoende en niet concreet genoeg. De beslissing van de rechtbank moet worden vernietigd want de Nederlandse rechter had zich onbevoegd moeten verklaren.

Het resultaat van deze beslissing is dat Marcia volledig terug is naar af. Haar Braziliaanse adoptie is in Nederland niets waard. Roberto is wel Nederlander maar Marcia niet. Het kan toch niet zo zijn dat het krampachtig vasthouden aan het Nederlandse procesrecht tot een dergelijk resultaat leidt? Het maakt inbreu op de eenheid van dit gezin. Een recht dat wordt beschermd door artikel 8 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Een internationaal gezin tegen wil en dank. Benjamin en Sophie overwegen om door te procederen. Wordt vervolgd.

Mr. Vera Kidjan is werkzaam bij Everaert Advocaten in Amsterdam. Meer weten over recht en adoptie? Zie: www.everaert.nl