Leren kijken door een traumabril

Veel adoptiekinderen hebben traumatische ervaringen die steeds getriggerd worden in het dagelijks leven, met alle gevolgen van dien. Ze zijn continu op hun hoede en kunnen onverwacht compleet uit hun dak gaan. Ouders zitten soms met de handen in het haar. Daarom heeft Adoptievoorzieningen een cursus opgezet: ‘Zorgen voor getraumatiseerde kinderen’. Cursusleiders Ans Rijk en Willemijn Bergman vertellen er meer over.

Uitgangspunt voor de cursus is de training ‘Zorgen voor getraumatiseerde kinderen’ van Leony Coppens en Carina van Kregten. Deze is bestemd voor pleegouders. Ans Rijk en Willemijn Bergman, zijn als medewerkers van SAV bij Coppens en Kregten opgeleid en hebben de informatie omgebouwd ten behoeve van adoptieouders. Daarnaast hebben ze hun eigen nazorgkennis en de inzichten van traumadeskundige dr. Renee Potgieter Marks toegevoegd. Zo kwamen ze tot drie bijeenkomsten met volgens hen de meest waardevolle informatie en oefeningen voor adoptieouders.

Kennis helpt

Sommige adoptiekinderen hebben ervaringen opgedaan die traumatiserend zijn geweest. Regelmatig ook in de relatie met hun verzorgers, zoals mishandeling en verwaarlozing. Deze ervaringen kunnen een grote invloed hebben op hun ontwikkeling en op het contact met hun omgeving. De kinderen hebben een hoog stressniveau, zijn steeds alert op gevaar en kunnen daardoor heftig gedrag vertonen, vaak uit hun dak gaan, of juist helemaal bevriezen. Ouders, maar ook leerkrachten en anderen die bij het kind betrokken zijn, kunnen soms denken dat het kind het bewust doet of zich aanstelt en weten zich vaak geen raad. Het is ook niet gemakkelijk om te zien en te snappen wat maakt dat het trauma weer getriggerd wordt.

De cursus is opgezet vanuit de gedachte dat kennis en uitleg over trauma ouders kan helpen. En passant, kijkend naar het volgende voorbeeld van Troy hieronder, helpt het (ook) kinderen… Als kinderen op heel jonge leeftijd, of tijdens de zwangerschap, in gevaar zijn geweest, zullen ze heftiger reageren op nieuwe bedreigingen dan andere kinderen. Ook zullen bepaalde situaties, geuren, beelden en bewegingen die herinneren aan het gevaar van vroeger, opnieuw een gevoel van angst en onmacht oproepen, ook al is die situatie nu helemaal niet meer gevaarlijk.

Honger is gevaar

Neem Troy (10). Hij wordt heel onrustig en kan bijna niet meer blijven zitten als hij voelt dat hij honger krijgt. Vroeger raakte hij echt in paniek bij dat gevoel, ging hij schreeuwen en gillen totdat hij wat te eten kreeg. Nu voelt hij nog wel de stress maar kan hij het iets beter onder controle houden. Toch probeert hij te voorkomen dat hij heel veel trek krijgt, en zorgt hij dat hij altijd iets kleins te eten bij zich heeft. Dat helpt hem. Evenals even rustig ademen en contact maken met zijn omgeving. Zijn moeder heeft hem verteld dat hij toen hij tien dagen oud was, te vondeling is gelegd. Hij was zwaar ondervoed toen ze hem vonden. Eigenlijk was het een wonder dat hij nog leefde. Omdat je als baby jezelf niet kunt redden was de honger levensbedreigend, en is dat dan ook de verbinding die gelegd wordt in de hersenen: honger is gevaar. Troy vindt het fijn dat hij dit weet. En dat er in de hersenen nieuwe verbindingen gemaakt kunnen worden, maar dat daar wel veel oefening voor nodig is. Nu snapt hij ook waarom hij zich zo rot kan voelen als hij honger heeft. Dat geeft hem wat rust.

Tweede cursus

De eerste cursus heeft plaatsgevonden in het najaar van 2015, de tweede start binnenkort. Tijdens de bijeenkomsten komen verschillende soorten trauma’s die kinderen kunnen hebben aan de orde en wat dat kan betekenen voor hun gevoel en gedrag. Ouders worden uitgenodigd om door een traumabril naar hun kind te kijken. Niet het gedrag is interessant, maar wat daaronder zit. Wat voelt het kind, hoe ervaart het kind zichzelf, de mensen die voor hem zorgen en de omgeving? Zit er veel spanning in het lijf? En wat helpt? Hoe kun je ervoor zorgen dat er nieuwe verbindingen in de hersenen worden gelegd zodat de paniek en machteloosheid in bepaalde situaties afnemen? Welke positieve zintuiglijke prikkels kunnen helpen? Hoe kun je het gevoel van veiligheid van je kind vergroten?

Ook komen oefeningen voorbij die ouders helpen om zich in te leven in hun kind en die ze kunnen gebruiken om te ontspannen. Voor hun kind, maar ook voor zichzelf. Want trauma’s hebben niet alleen een heftige impact op het kind, maar ook op de ouders. En daarom is het prettig gelijksoortige ervaringen uit te wisselen met andere ouders.

Ouders krijgen bovendien tips mee om thuis te oefenen met hun kind(eren), en de ervaringen daarmee worden weer besproken. Het is leuk om te zien hoe kleine dingen soms grote effecten kunnen hebben.

Na de positieve evaluatie is door Adoptievoorzieningen besloten om door te gaan met de cursus. Op aanraden van de deelnemers zijn het voortaan vier bijeenkomsten geworden, zodat er iets meer tijd is voor uitwisseling, zonder dat er iets verdwijnt uit het programma.

Om voldoende aandacht voor alles ouders en hun kinderen te hebben, bestaat de groep uit maximaal zeven gezinnen of maximaal twaalf personen. De groep wordt altijd begeleid door twee professionals van Adoptievoorzieningen.

Meer informatie/aanmelden

Tekst: Ans Rijk & Willemijn Bergman